Protestantse Gemeente Oude Wetering

Voorgeschiedenis Afdrukken
In 1576 werd door de Staten van Holland en Zeeland de Gereformeerde religie tot staatsgodsdienst verklaard. De pastoor van Rijnsaterwoude, die ook de herderlijke zorg over het oostelijke gedeelte van Alkemade had, bleef echter Rooms Katholiek en vermoedelijk is het aan zijn vasthoudendheid te danken dat deze streken overwegend RK zijn gebleven. Toen Leimuiden een zelfstandige gemeente werd, vielen Oude- en Nieuwe Wetering onder Leimuiden. Omdat de wegen vooral in de natte wintertijd uitermate slecht waren en ook omdat het aantal Gereformeerden toenam, ontstond het verlangen naar een eigen kerkformatie. Dat ging niet zonder toestemming van de ambachtsheer, de heer van Alkemade. Daarom gingen de Gereformeerden naar hem toe om hun wensen kenbaar te maken. Ook de Classis was bereidwillig en tenslotte gaven de `state`n van Holland eveneens toestemming om een eigen kerkformatie te vormen. Dit was op zondag 5 december 1655 een feit. Maar er was nog geen kerkenraad, geen predikant of kerkgebouw. Op 9 april 1656 deed de eerste predikant, ds. W. van Hattem, zijn intrede. De eerste jaren kwam de gemeente samen in de enige school ter plaatse en pas in 1691 kreeg de gemeente een eigen gebouw (het huidige Hervormde kerkgebouw). De afscheiding van 1834 liet ook deze gemeente niet onberoerd. Op 13 maart 1850 scheidde zich een groep van de gemeente af en zo ontstond de 'Gereformeerde Gemeente onder het Kruis'. Met een kleine groep eerder uitgetredenen werd in 1869 de Christelijk Gereformeerde Kerk gevormd. Men had een eigen kerkgebouw, dat zich bevond op Kerkstraat 78 te Oude Wetering. Ook waren er in Oude Wetering nog een twintigtal personen lid van de vereniging 'Vrienden der Waarheid'. Op 1 oktober 1885 bracht de gemeente van Oude- en Nieuwe Wetering een beroep uit op proponent C.L.F. van Schelven uit Utrecht en op 3 januari 1886 werd hij aan de gemeente verbonden. Ds. van Schelven wilde de Dordtse Kerkorde een belangrijke plaats geven en verder wilde hij niet klakkeloos de regels van de kerk volgen, omdat die naar zijn mening in strijd waren met de Bijbel. Een deel van de kerkenraad was het niet met zijn opstelling eens en zo ontstond er verwijdering. Na een speciale vergadering met vertegenwoordigers van de Classis Leiden besloot het classicaal bestuur ds. van Schelven te schorsen, mede op grond van diens aanwezigheid in Amsterdam op een bijeenkomst met dr. Abraham Kuijper. Op die vergadering werd openlijk het verbreken van het verband van de Nederlandse Hervormde Kerk gepropageerd. In april 1887 bevestigde de Algemene Synodale Commissie de schorsing en was ds. van Schelven geen lid meer van de Nederlandse Hervormde Kerk.